Gedeputeerde Staten 2003

In deze grafiek staan de totale aantallen Gedeputeerde Staten per provincie, en daarbij de aantallen vrouwen in GS, na de verkiezingen door PS in 2003. Ook het percentage vrouwen in GS is gedaald, van maar liefst 26% naar 19%! Zuid-Holland doet het hier goed met 50% vrouwen. Ook Drente haalt het streefgetal van de regering, 40%.
Maar in de colleges van Zeeland en Noord-Brabant zit niet één vrouw…..

Verkiezing Provinciale Staten 2003

Verkiezing Provinciale Staten 2003 per partij en per provincie

 


Voor vrouwen zijn deze verkiezingen slecht verlopen: het percentage vrouwen zakte van 31,1% in 1999 naar 28,4% in 2003. Volgens de streefcijfers van de regering had het 40% moeten worden. Alleen GroenLinks haalt dat cijfer. Onder “Overige” vallen in 2003 de niet landelijke provinciale partijen. In 1999 werden hieronder ook de SP, RPF, GVP en SGP samengevat.

CDA PvdA VVD SP GL D66 CU SGP LPF Overige Totalen
PS vr PS vr PS vr PS vr PS vr PS vr PS vr PS vr PS vr PS vr PS vr %vr
Groningen
12
3
20
7
7
1
3
1
5
2
2
1
4
0
0
0
0
0
2
1
55
16
29,1%
Friesland
16
5
15
7
6
3
2
1
3
1
1
0
3
0
0
0
1
0
8
3
55
20
36,4%
Drenthe
12
4
19
6
9
1
0
0
4
1
2
0
2
0
0
0
1
0
2
0
51
12
23,5%
Overijssel
24
7
15
5
9
1
3
1
3
2
2
1
4
1
2
0
1
0
0
0
63
18
28,6%
Flevoland
10
2
12
5
11
3
2
0
3
1
2
0
4
1
1
0
2
0
0
0
47
12
25,5%
Gelderland
24
6
18
6
13
4
4
1
5
2
3
1
3
1
4
0
1
0
0
0
75
21
28,0%
Utrecht
16
8
14
4
14
2
3
1
6
2
4
2
3
0
2
0
1
0
0
0
63
19
30,2%
N-Holland
17
4
24
7
20
5
5
1
8
3
5
1
1
0
0
0
2
1
1
0
83
22
26,5%
Z-Holland
20
5
20
8
18
5
4
1
5
3
4
1
3
0
4
0
4
1
1
1
83
25
30,1%
Zeeland
13
1
10
3
7
2
2
0
2
1
1
1
3
0
6
0
1
1
2
0
47
9
19,1%
N-Brabant
30
7
17
4
15
6
6
2
4
2
3
2
1
0
0
0
2
0
1
1
79
24
30,4%
Limburg
28
9
14
6
9
1
4
1
3
1
2
1
0
0
0
0
1
0
2
0
63
19
30,2%
Totaal 2003
222
61
198
68
138
34
38
10
51
21
31
11
31
3
19
0
17
3
19
6
764
217
28,4%
Totaal 1999
194 61 153 59 182 50 77 30 39 18 115 18 760 236 31,1%


De resultaten lopen per provincie nogal uiteen. Een oorzaak is daarvoor moeilijk aan te wijzen.
Waarom zou Friesland stijgen met 5,5% en Drenthe dalen met 13,8%? En waarom stijgt Limburg met 6,4% en daalt N-Brabant met 6,3%? We kunnen hooguit een grotere of kleinere inzet vermoeden van de provinciale kandidaatstellingscommissies bij het zoeken naar geschikte vrouwen.

Eerste Kamerverkiezing 2003

Eerste Kamerverkiezing juni 2003


De nieuwe samenstelling van de Eerste Kamer laat als enige verkiezingsuitslag een substantiële stijging zien van 28,0% naar 32,0%. Ook hier haalt het totaal de 40%, het streefcijfer van de regering niet, maar de SP bereikt zelfs 50% en VVD en Groenlinks halen precies 40%.

1999 2003
zetels
vrouwen
% vrouw
zetels
vrouwen
% vrouw
CDA
20
5
25,0%
23
7
30,4%
VVD
19
6
31,6%
15
6
40,0%
PvdA
15
6
40,0%
19
7
36,8%
D66
4
1
25,0%
3
0
0%
GL
8
3
37,5%
5
2
40,0%
SP
4
2
50,0%
CU
2
0
0%
SGP
2
0
0%
LPF
1
0
0%
Overigen
9
0
0%
1
0
0%
TOTAAL
75
21
28,0%
75
24
32,0%

Europese verkiezingen 2004

Uitslag van de Nederlandse verkiezingen voor het Europese Parlement in juni 2004

Door de uitbreiding van het aantal landen in de EU in 2004, veranderde het totale aantal zetels van 626 in 726. In de nieuwe verdeling van het aantal zetels over de landen ging Nederland van 31 naar 27 zetels.

Hieronder de oude en nieuwe verdeling over de landen.

Voorkeurstemmen in 2002 en 2003

Voorkeurstemmen Tweede Kamer 2002 en 2003

M/V 50/50 heeft steeds aangedrongen op vermelding van een (m) of en (v) achter de namen op de kandidatenlijsten, zodat kiezers bewust op een man of een vrouw kunnen stemmen.
Bij de laatste verlkiezingen hebben alle in de Tweede Kamer vertegenwoordigde partijen dit toegepast, met uitzondering van de SP.

Om met voorkeurstemmen te worden gekozen waren 15.863 stemmen nodig (een kwart van de kiesdeler).
Bij de meeste lijsten verspreiden de voorkeurstemmen zich over de hele lijst, waardoor dit aantal niet gehaald wordt. Alleen bij de ChristenUnie kreeg een vrouw door 19.797 stemmen een plaats in de Kamer.
Veel voorkeurstemmen werden op VVD en PvdA uitgebracht,m.a.w. de lijsttrekkers Dijkstal en Melkert kregen een aanmerkelijk lager percentage stemmen dan de overige lijsttrekkers.

2002
lijst-
trekker
perc. stemmen lijst- trekker voorkeur-stemmen excl. lijsttr. gekozen vrouwen excl. lijsttr. gemidd. voorkeur- stemmen voorkeur-stemmen excl. lijsttr. gekozen mannen excl. lijsttr. gemidd.
voorkeur-
stemmen
vrouwen
mannen
CDA
2.276.175
86%
142.757
17
8.397
215.234
25
8.609
LPF
1.358.942
85%
44.820
4
11.205
200.905
21
9.567
VVD
719.320
52%
236.018
6
39.336
428.635
17
25.214
PvdA
802.723
58%
333.242
11
30.295
237.159
11
21.560
GrL
467.641
74%
161.300
6
26.883
5.042
3
1.681
SP
457.749
85%
71.640
4
17.910
11.940
4
2.985
D66
371.033
80%
31.577
3
10.526
58.486
3
19.495
CU
160.966
76%
19.797
1
19.797
31.408
2
15.704
TOTAAL
6.614.549
75%
1.041.151
52
20.022
1.188.809
86
13.540

In 2003 zijn 16.091 voorkeurstemmen nodig voor een plaats in de Kamer.
Er is bij deze verkiezingen veel veranderd.
De nieuwe lijsttrekkers van VVD en PvdA krijgen een groter percentage stemmen.
Bij de LPF krijgt de heer Nawijn een groot aantal voorkeurstemmen en verdringt daardoor een vrouw op plaats 8 van deze lijst. Opnieuw wordt bij de ChristenUnie dezelfde vrouw met voorkeurstemmen gekozen.
Bij alle partijen behalve de LPF en -uiteraard- de SGP gaan aanzienlijk meer voorkeurstemmen naar vrouwen dan naar mannen.

2002
lijst-
trekker
perc. stemmen lijst- trekker voorkeur-stemmen excl. lijsttr. gekozen vrouwen excl. lijsttr. gemidd. voorkeur- stemmen voorkeur-stemmen excl. lijsttr. gekozen mannen excl. lijsttr. gemidd.
voorkeur-
stemmen
vrouwen
mannen
CDA
2.393.802
87%
174.030
14
12.431
170.115
29
5.866
LPF
475.470
89%
4.189
1
4.189
55.983
6
9.331
VVD
1.222.374
73%
292.823
8
36.603
155.282
19
8.173
PvdA
2.182.298
83%
363.334
20
18.167
73.971
21
3.522
GrL
431.195
91%
38.175
4
9.544
5.436
3
1.845
SP
488.340
83%
90.274
4
22.569
11.647
4
2.912
D66
282.550
75%
63.289
2
31.645
32.426
3
10.809
CU
157.594
84%
19.650
1
19.650
10.281
1
10.281
SGP
143.627
94%
0
0
0
8.060
1
8.060
TOTAAL
7.769.190
83%
1.045.764
54
19.366
523.301
87
5.991

Tweede Kamerverkiezingen 2002 en 2003

Tweede Kamerverkiezingen mei 2002 en januari 2003

De uitslagen van de verkiezingen van mei 2002 en januari 2003 zijn hier samen met die van 1998 weergegeven.
In 1998 werden de kleinere partijen onder ‘overige partijen’ samengevoegd,
in 2002 en 2003 zijn alle partijen uitgesplitst.

De totale uitslag is met 36,7% vrouwen in 2003 nauwelijks hoger dan in 1998.
In 2002 wordt de uitslag gedrukt door de nieuwe partijen LPF en LN, die samen 28 zetels halen, waarvan 4 vrouwen, dat is 14,3%.
De gevestigde partijen halen samen 48 vrouwen op 122 zetels, dat is 39,3%.
In 2003 herstelt de PvdA zich grotendeels, krimpt de LPF naar 8 zetels en verdwijnt LN uit de Kamer.
Opvallend is de daling van het aantal vrouwen bij het CDA, van 39,5% naar 31,8% ruim een half jaar later.
Het aantal zetels van GroenLinks daalt terwijl het aantal vrouwen nauwelijks afneemt, waardoor het percentage vrouwen blijft stijgen.

gekozen in mei 1998 gekozen in mei 2002 gekozen in januari 2003
zetels vrouwen perc. vrouw zetels vrouwen perc. vrouw zetels vrouwen perc. vrouw
CDA
29
9
31,0%
43
17
39,5%
44
14
31,8%
PvdA
45
22
48,9%
23
11
47,8%
42
20
47,6%
VVD
38
10
26,3%
24
6
25,0%
28
8
28,6%
SP
9
4
44,4%
9
4
44,4%
LPF
26
4
15,4%
8
1
12,5%
GL
11
6
54,5%
10
6
60,0%
8
5
62,5%
D66
14
6
42,9%
7
3
42,9%
6
2
33,3%
CU
4
1
25,0%
3
1
33,3%
SGP
2
0
0,0%
2
0
0,0%
LN
2
0
0,0%
Overig
13
1
7,7%
TOTAAL
150
54
36,0%
150
52
34,7%
150
55
36,7%

Het streefgetal van de regering stond in 2003 op meer dan 40% vrouwen.
Bij de volgende verkiezingen zou dat met 5% moeten stijgen.
Om die 45% te halen mag er van de overheid, maar ook van een aantal politieke partijen nog een flinke inspanning worden verwacht.
Andere partijen zouden de lijst van de PvdA als voorbeeld moeten nemen, met nagenoeg om en om een man en een vrouw.

Vrouwelijk wethouders 2002

Wethouders, gekozen door de nieuwe raadsleden in 2002

De grafiek van de percentages vrouwelijke wethouders oogt enigszins bedrieglijk.
De 28,6% van de overige landelijke partijen steekt boven alle uit, tot we ons realiseren dat het hier gaat om maar 7 wethouders, waarvan 2 vrouwen.
Nederland aantal wethouders waarvan vrouw Procenten vrouw
2002
CDA 480 82 17,1%
VVD 340 86 25,3%
PvdA 365 66 18,1%
GroenL 36 8 22,1%
D66 34 7 20,6%
SP 0 0 0%
Land.confess 36 1 2,8%
Land.overig 7 2 28,6%
Lokale partijen 372 52 14,0%
TOTAAL 1670 304 18,2%

Verkiezing gemeenteraden 2002

Gemeenteraadsverkiezingen maart 2002

Omdat een overzicht van alle ca 500 gemeenten niet erg overzichtelijk is, zijn deze gegevens samengevat over heel Nederland: per partij en per provincie.

Nederland aantal raadsleden waarvan vrouw perc. vrouwen
1994 1998 2002 1994 1998 2002 1994 1998 2002
CDA
2751
2404
2155
595
563
514
21,6%
23,4%
23,9%
VVD
1724
1796
1475
428
474
359
24,8%
26,4%
24,3%
PvdA
1770
1817
1360
493
511
377
27,9%
28,1%
27,7%
GroenL
380
430
410
132

166

164
34,7%
38,6%
40.0%
D66
982
442
268
282
125
68
28,7%
28,3%
25,4%
SP
143
48
33,6%
Land.Conf
330
347
460
6
17
31
1,8%
4,9%
6,7%
Land.overig
245
217
34
53
61
4
21,6%
28,1%
11,8%
Lokale partijen
2935
2703
2775
493
451
555
16,8%
16,4%
20.0%
TOTAAL
11117
10156
9080
2482
2368
2120
22,3%
23,3%
23,3%

Bovenstaande cijfers stemmen niet hoopvol. Minder dan een kwart van de raadsleden is vrouw.
Wel zijn er grote verschillen tussen de partijen, maar alleen GroenLinks haalt overtuigend het streefcijfer van de regering voor 2002 dat op 35% stond.
Opmerkelijk is het aantal zetels gehaald door de lokale partijen. Zij overtreffen samen de grootste partij, het CDA.

Omdat door herindelingen telkens een aantal andere gemeenten niet meedeed zijn hiervoor bij beide verkiezingen dezelfde gemeenten uitgefilterd om goed te kunnen vergelijken.
Duidelijk is dat ondanks groei van het percentage vrouwen, de zuidelijke provincies Zeeland, N-Brabant en Limburg nog steeds lager scoren dan de overige provincies.

aantal gemeenten
aantal raadsleden
waarvan vrouw
percentage vrouwen
toename perc.
1998 2002 1998 2002 1998 2002 1998 2002
Groningen
25 25 433 433 105 102 24,2% 23,6%
-0,7%

Friesland

31 31 547 553 135 133 24,7% 24,1%
-0,6%
Drenthe
11 11 267 273 65 61 24,3% 22,3%
-2,0%
Overijssel
13 13 321 327 70 73 21,9% 22,3%
0,5%
Flevoland
6 6 156 158 44 42 28,2% 26,6%
-1,6%
Gelderland
65 65 1229 1245 312 291 25,4% 23,4%
-2,0%
Utrecht
29 29 553 561 147 145 26,6% 25,8%
-0,7%
N-Holland
62 62 1232 1242 343 358 27,8% 28,8%
1,0%
Z-Holland
88 88 1720 1740 390 393 22,7% 22,6%
-0,1%
Zeeland
10 10 206 210 40 44 19,4% 21,0%
1,5%
N-Brabant
65 65 1366 1367 254 283 18,6% 20,7%
2,1%
Limburg
42 42 734 740 122 137 16,6% 18,5%
1,9%
TOTAAL
447 447 8764 8849 2027 2062 23,1% 23,3
0,2%